Brandnetels in de tuin: nuttig voor vlinders of tuinmythe?

 •  Gepubliceerd op  • Ecologisch tuinieren & biodiversiteit

Veel ecologische tuiniers laten brandnetels in hun tuin staan omdat ze denken dat ze onmisbaar zijn voor vlinders.

Maar klopt dat eigenlijk wel? Want heel vaak zien ze er zelden of nooit een rups op.

Doen ze iets verkeerd of gaat het hier om een hardnekkige tuinmythe?

img-20210831-155838238-3.jpg
rupsen-dagpauwoog-brandnetel.jpg

Hoe belangrijk zijn brandnetels voor vlinders?

Voor veel van onze courante vlinders zijn brandnetels belangrijke waardplanten.

Ze leggen er hun eitjes op, waarna hun rupsen groot worden op een dieet van brandnetelblad.

Dat bevat specifieke stoffen waar de spijsvertering van rupsen evolutionair op afgestemd is.


  • Atalanta, dagpauwoog en kleine vos zetten hun eitjes vrijwel uitsluitend af op brandnetel. Zonder brandnetels zouden hun populaties sterk achteruitgaan.

  • Ook distelvlinder, gehakkelde aurelia en landkaartje leggen hun eitjes af op brandnetel. Al zijn ze minder kieskeurig en maken ze ook gebruik van andere planten.

Waarom zie je geen rupsen op brandnetels in jouw tuin?

Veel tuiniers laten een klein polletje brandnetels staan en wachten jaren op rupsen die nooit komen. Dat is logisch, want voor vlinders is zo’n plek meestal ongeschikt.

Een grote, dichte brandnetelhaard is een veel veiliger kraamkamer met meer overlevingskansen voor de rupsen dan een klein tuinhoekje.

  • Een klein groepje brandnetels levert te weinig voedsel voor rupsen
  • Kleine planten drogen sneller uit of worden snel kaalgevreten
  • Een klein plukje brandnetels valt voor vlinders veel minder op dan een grote, dichte groep
  • Het microklimaat is onstabieler dan in grote, dichte brandnetelhaard

pxl-20250610-125727370-brandnetels-tweede-deel-beek-minder-interessant.jpg
dsc-0723.jpg

Moet je brandnetels laten staan voor biodiversiteit?

De beste plek voor een brandnetelpatch voor vlinders is een zonnige, beschutte randzone.

Zo’n patches komen van nature voor in ruigtes, bosranden, bermen, aan grachten…

In ons stikstofrijk landschap floreren brandnetels vanzelf. Voor deze vlinders is er dus zelden een tekort aan waardplanten.

Toch hebben de brandnetels in je tuin wél een ecologische waarde.

Ze vormen een mini-ecosysteem waarin tal van insecten, vogels en kleine dieren voedsel en beschutting vinden. En je kunt er zelf heerlijke lentesoep of een krachtige gier van trekken, …

Heb je een grote tuin met een wildere zone, grenst je tuin aan natuur of extensief landschap of wil je bewust een educatieve of biodiversiteitsplek creëren, laat dan gerust een groep brandnetels staan.

Maar let op wanneer je maait, dat je niet per ongeluk eitjes of rupsen mee maait!

Welke planten helpen vlinders dan wél?

Wil je vlinders actief ondersteunen, focus dan vooral op waardplanten die schaars zijn of moeilijker te vinden in het landschap, zoals

  • pinksterbloemen en judaspenning (voor het oranjetipje en witjes)
  • wilde peen (koninginnenpage)
  • zuring (kleine vuurvlinder)
  • (sier)distels (distelvlinder)
  • klimop
  • spork
  • een stukje lang gras (zandoogjes).


Combineer die met inheemse en andere nectarplanten die bloeien van februari tot november.  Zo creëer je een lange bloeiboog en een continu voedselaanbod.

Je hoeft dus geen brandnetels te laten staan om ecologisch te tuinieren — een gevarieerde, pesticidevrije tuin met veel verschillende bloemen maakt véél meer verschil voor vlinders.

pxl-20250610-124224554.jpg
 Naar boven